Geautomatiseerde modelbanen zijn er in alle schalen, van schaal Z (1:220) tot IIm (1:22,5) (LGB). De meest gebruikte schalen zijn h0 (1:87) en N (1:160). Daarnaast zijn er globaal twee soorten stroomvoorziening: gelijk- en wisselstroom. Ook kan een onderscheid gemaakt worden tussen besturing met het eigen hcc!m-systeem en de verschillende fabriekssystemen.
Er bestaan in principe 2 manieren om modeltreinen te besturen m.b.v. een computer.

Blok gestuurd

De spanning op de rails wordt geregeld waarmee de snelheid van de trein wordt bepaald. 

Trein gestuurd

Behalve stroom wordt een extra signaal op de rails gezet, dat voor iedere trein snelheidsinformatie bevat. Hiermee wordt de snelheid van de trein bepaald.
Van beide vormen kunt U hier meer lezen.